Facebook Twitter Instagram

Stichting Erfgoed Nederlandse Biercultuur

Bier in onze taal

Op deze pagina kunt u zoeken naar spreekwoorden, gezegden, spreuken etc. die we hebben verzameld in de categorie 'Bier in onze taal'.

Bier in onze taal (97)

's Avonds drinken met de macht, 's morgens 't bier in de gracht
Bron: Boek met spreuken en zegswijzen uit het Oostvlaamse dorp Lierde

Teveel bier drinken leidt tot een kater.


24 uur in een dag, 24 flessen bier in een krat, dat kan geen toeval meer zijn


Als de gerst zich strijkt, heeft de boer zich verrijkt

Zodra de aren vol zijn, weet de boer dat hij winst maakt


Als het bier is in de man, dan is de wijsheid in de kan

Als iemand veel gedronken heeft (vroeger werden bier en wijn uit een kan geschonken) en zijn kan leeg heeft, dan is zijn wijsheid gelijk aan de inhoud van de kan: leeg. Ofwel: verwacht van dronkaards geen verstandige woorden


Als het bier op is blijft het bezinksel in het glas

Bij het einde van het werk ziet men pas de gebreken.


Als je bier drinkt, veeg dan eerst je lippen af voor je je kroes heft
Bron: D. Erasmus


Beren temmen

Studententaal; iemand die café-rekeningen te betalen heeft


Bier als water drinken


Bier drinken als een koe

Luidruchtig bier drinken


Bier drinken doe je nooit alleen, tenzij je alleen bent

Gezien op de muur van Brouwerij Vandeoirsprong (2017).


Bier is een goede dienaar maar een slechte meester
Bron: Francis Bacon (1561-1621), Engels filosoof en staatsman

Afgeleid van "L'argent est un bon serviteur et un mauvais maître" ofwel "Geld is een goede dienaar maar een slechte meester".


Bier is het juiste sap, geschapen voor ons klimaat
Bron: F. de Grote


Bier is het ruggenmerg der mannen
Bron: Lévi Weemoedt (Vlaardingen, 22 oktober 1948), Nederlands dichter, pseudoniem Isaäck Jacobus van Wijk


Bier is uw vijand, heb uw vijanden lief

Afgeleid van "Hebt uw vijanden lief; zegent ze, die u vervloeken; doet wel dengenen, die u haten; en bidt voor degenen, die u geweld doen, en die u vervolgen;" uit Mattheüs 5:43.


Bier na wijn geeft venijn, wijn na bier geeft plezier

Iedereen kent de ‘volkswijsheid’ dat de kater de volgende dag minder hevig zou zijn wanneer je eerst bier drinkt en dan wijn in plaats van andersom. Over de waarheid van deze uitdrukking valt te twisten, het lijkt er meer op dat deze oude uitspraak te maken heeft met de middeleeuwen en dus een historische achtergrond heeft.

Het drinken van alcohol is van alle tijden. Bier werd al in de middeleeuwen veel gedronken en het drinken van wijn gaat al terug tot de oudheid. De uitdrukking ‘bier na wijn geeft venijn, wijn na bier geeft plezier’ heeft waarschijnlijk te maken met de opbouw van de samenleving in de middeleeuwen en de verschillende alcoholische dranken die daar bij hoorden. Bier was in die tijd een goedkope drank die vooral door mensen uit lagere klassen gedronken werd. In de middeleeuwen was het drinken van bier in veel gevallen zelfs gezonder dan het drinken van water, met als gevolg het heel gebruikelijk was om veel bier te drinken.

Wijn
Wijn was al in de middeleeuwen veel duurder dan bier en werd dus meer gedronken door mensen uit de hogere klassen van de samenleving. Hier heeft de herkomst van de volkswijsheid ‘bier na wijn geeft venijn, wijn na bier geeft plezier’ waarschijnlijk mee te maken. Dit betekent dat deze uitdrukking waarschijnlijk meer figuurlijk dan letterlijk genomen dient te worden en dan zou betekenen dat het beter was om vanuit een situatie van armoede rijk te worden dan vanuit een rijke situatie arm te worden. Anders gezegd was het dus beter om eerst een gedeelte van je leven bier te drinken en later wijn, omdat het zou betekenen dat je later meer geld te besteden had.

Andere talen
Dat de uitdrukking meer een historische achtergrond heeft dan dat deze echt letterlijk genomen dient te worden, blijkt wel uit soortgelijke uitdrukkingen in andere talen. De Duitsers zijn het qua volgorde van alcoholische dranken nog wel met ons eens en kennen een uitdrukking die op hetzelfde neerkomt als ‘bier na wijn geeft venijn, wijn na bier geeft plezier’. In het Engels bestaat echter een uitdrukking die precies het tegenovergestelde betekent als onze uitdrukking. In het Engels gaat men er dus vanuit dat de kater minder hevig is wanneer je juist eerst wijn drinkt en vervolgens bier. Dit is misschien nog wel het beste bewijs voor de stelling dat onze bekende wijsheid meer op een historische context berust dan op de waarheid. De Engelse tegenovergestelde volkswijsheid komt vermoedelijk voort uit het idee dat je van het drinken van wijn een drogere mond krijgt dan van bier en dus dorst krijgt van wijn. Vanuit dit idee zou het beter zijn om na wijn bier te drinken, in plaats van andersom.


Bier vloeit als water door mijn lendenen, maar als stroop door mijn hoofd
Bron: Ernst van de Voorst, componist, schrijver, dichter
2001


Bier zonder alcohol is als een beha aan een waslijn, het beste is eruit!


Bier: op hoger plan gebracht graan
Bron: H. Kooijman


Bierkerke

De kroeg


Bierschuld

De onbetaalde rekening in de herberg


Biervliege

Drinkebroer


Boven je bier zijn

Teveel gedronken hebben


Brouwers bidden om goede tijden, bakkers om dure tijden

Iedereen denkt allereerst aan zichzelf


Daar helpt geen bierhuis tegen

Daar is niets tegen te doen


Daar wordt iets gebrouwen

Daar wordt iets heimelijks bekokstoofd, er worden plannen gesmeed


Dat biertje heb je zelf gebrouwen, en nu moet je het ook uitdrinken

Je hebt jezelf in moeilijkheden gebracht, draag zelf de consequenties


Dat is geen klein bier

Dat is niets gerings, dat is iets van gewicht of belang. Klein bier is dun bier, tegenover zwaar, dik of groot bier, dat met veel extract bereid is.

De uitdrukking is in N.-Nederland thans verouderd, maar in Z.-Nederland nog in levend gebruik. Fr. ce n’est pas de la petite bière; Eng. no small beer. In het Hd. geen equivalent.


De beste bieren zijn degene die we drinken met vrienden

Engels: The best beers are the ones we drink with friends


De kastelein was klein maar tapper
Bron: Jan Blaaser (Amsterdam, 17 juli 1922 – Lelystad, 28 maart 1988), Nederlands cabaretier, acteur en schrijver van liedjes.


De kerk is nabij, maar de weg is beijzeld. De kroeg is ver weg, maar ik zal voorzichtig lopen


De liefde is als een glas bier, laat je het te lang staan dan slaat het dood
Bron: Sander Jochems


De mond van de mens die volkomen gelukkig is, is gevuld met bier


De pastoor drinkt bier en wij water
Bron: Fons Jansen


Dood bier

Verschraald bier, niet meer schuimend bier.


Een bier in de morgen, is een dag zonder zorgen


Een bier met liefde gebrouwen, drink je met je verstand

Deze boodschap, bekend als de Arnoldus-code, wordt al sinds 1992 door de biersector meegegeven bij elke biercommercial die in België wordt uitgezonden of gepubliceerd. Dit om verstandig drinken van bier te bevorderen en alcoholmisbruik tegen te gaan.


Een bierwagen

Een lange, vervelende toespraak.


Een bodemloos vat zijn

Altijd te weinig van iets zijn of opraken. Het is verloren moeite geld daaraan uit te geven.


Een flessentrekker

(19e eeuw) (ook: flesser) (inf.) oplichter, bedrieger (oorspronkelijk in de handel). Ontleend aan de Vlaamse uitdrukking 'iemand op flessen of stoopkens (aarden kruiken) trekken': iemand voor de gek houden. Eigenlijk gezegd van bier of wijn (in een vat): het restant was vaak van mindere kwaliteit en moest aangevuld worden met suiker en gist (zodat het bier of de wijn weer drinkbaar werd).


Een huis vol dochters is een kelder vol zuur bier


Een man die het niets kan schelen welk bier hij drinkt, kan net zo goed niets schelen welk brood hij eet
Bron: Michael Jackson, 1942


Een potje bier zou een man op de been helpen, op zo'n koude ochtend als deze
Bron: John Dos Passos, 1896-1970, Amerikaanse schrijver


Een slaapmutsje nemen

Een slaapmutsje is een borrel vóór het slapen gaan. Deze borrel- naam is aan het begin van de 19de eeuw ontstaan als woordspeling. Een slaapmuts is eigenlijk, zoals het woord al doet vermoeden, een muts om mee te slapen. Dit kledingstuk was in de 18de eeuw in de mode. Muts was echter ook een vochtmaat. Aan het eind van de 18de eeuw werd er van een mingelen of een pint mee aangeduid, en sinds het begin van de 19de eeuw 15 cl. Nederlandse matrozen kregen standaard voor iedere maaltijd een mutsje jenever.

De borrel naam slaapmutsje is in 1836 voor het eerst opgetekend, door de vooraanstaande taalkundige J.H. Halbertsma. Halbertsma was toen predikant in Deventer. In Overijssel zei men indertijd een slaapmuts opzetten voor 'een avond slokje nemen'. In 1845 werd de borrel naam door J. van Lennep gesignaleerd in Amsterdam. In zijn Proeve van Platamsterdamsch had hij het over 'een slaapmussie nemen'. Halbertsma verzorgde de aantekeningen bij Van Lenneps publicatie en legde - voor het eerst de woordspeling uit: Men zet eene muts op om beter te slapen, en men drinkt bij het te bed gaan een glaasje jenever om te beestachtige te slapen. In het woord mutsje is echter deze [woord]speling, dat het zoo wel een maatje van sterken drank als een hoofddeksel aanduidt. Zoals dat vaker gaat met woordspelingen, gaf de borrel naam slaapmutsje aanleiding tot misverstanden.

Dat is in 1884 prachtig beschreven door Justus van Maurik, in zijn boek Burgerluidjes. Het citaat maakt meteen duidelijk dat slaapmutsje niet alleen voor jenever en brandewijn werd gebruikt, maar ook voor andere sterke drank die de nachtrust zou bevorderen. In de andere kamer naast mij ging oom Bulder ter ruste. Ik hoorde hem vloeken en tieren, met zijn stok slaan en eindelijk roepen: 'Hannes, mijn slaapmuts! en ook een voor mijn neef.' 'Hoe!' dacht ik , 'een slaapmuts?' Ik lachte bij het denkbeeld, want ik had er nog nooit een opgehad en keek niet weinig verwonderd, toen ik eenige minuten daarna ooms factotum voor mijn bed zag staan, met een blaadje, waarop twee karafjes en een paar glaasjes stonden. Hannes tikte even met de rechterhand aan den slaap van zijn hoofd, terwijl hij vroeg: 'Slaapmuts, meneer! Cognac of Rum?' Nog in 1980 werden de twee betekenissen van het woord door elkaar gehaald.

Een informant schreef indertijd aan het P.J. Meertensinstituut: Een werkster van ons werkte ook in een rusthuis in Sluis, 's Avonds ging ze een oude man in bed helpen. Die man zei: 'Ik moet mijn slaapmutske nog hebben.' Zij liep naar een oude kast en kwam aan met een lange slaapmuts en trok die over zijn hoofd. 'Stommerik,' zei die man, 'ik bedoel mijn borrel.' De borrelnaam slaapmutsje is in heel Nederland en Vlaanderen bekend en is ook in vele dialecten opgetekend, onder andere in de vormen slaapmussie, slaapmutske, sloapmus, sliepmütse en sliepmutske. De Engelsen spreken - sinds 1818 - van nightcap, de Duitsers van Schlafmütze. In 1937 is in het Bargoens het nachtmutsje gesignaleerd, voor een 'fles sterke drank, die mee naar de slaapplaats wordt genomen'. Men noemde een borrel ook wel een nachtkiepert.


Een vaatje zuur bier

Eene oude ongetrouwde juffrouw; eine Spätbirne, zooals de Duitschers zeggen; vgl.

Van Loon, 33: Ouwe dochters hier is als een kelder met zuur bier; Tuinman I, 82: Een huis vol dochters, is een kelder vol zuur bier, dit wil zeggen, in die waar is geen aftrek; Harreb. I, 55 a; Amsterdammer, 22 Nov. 1914 (omslag), p. 3 k. 5: Bertha Jansen! die ouwe vrijster! Die feministe! Dat vat zuur bier! Verlos ons, Heer! Vgl. Breuls, 85; fr. être brulée; hd. angesäuert sein.


Een vrouw is net een biertje. Ze ziet er goed uit, ze ruikt lekker en je zou je eigen grootmoeder ervoor om zeep helpen

Uit: The Simpsons, 1989-heden


Een zuiver en fris gerstenat geeft zielskracht en spierkracht


Eigen bier smaakt het best

Er gaat niets boven dat wat men zelf gemaakt heeft.


Elk brood is het trieste verhaal van graan wat ook bier had kunnen zijn

Gezien op de muur bij Brouwerij Vandeoirsprong (2017).

Er zijn ook varianten: "Iedere boterham vertelt het trieste verhaal van graan dat geen bier mocht worden."


Er is geen goud zonder schuim

Niets is zo goed, of er valt nog wel iets op aan te merken; niets is volmaakt.


Goede wijn is nog geen bier


Het bier is niet voor de ganzen gebrouwen

Een excuus om nog een glas bier te nemen.


Het is hier niet de zoete inval

Wanneer iemand in een brouwerij al werkend met de stuikmand in de beslagkuip viel dan noemde men dat de zoete inval. Tegenwoordig duidt men met dit spreekwoord gelegenheden aan waar iedereen altijd gastvrij wordt ontvangen.


Het is niet meer dan een boon in de brouwketel

Een zegswijze om iets gerings, onbeduidends aan te geven, iets dat tot een zaak niets afdoet.

In de oudste verzamelingen komt zij voor; vgl. Campen, 84: Ten helpt niet meer, dan een boone in een brouwketel; Sart. 11,9,5: Het is een boon in een brouw-ketel; Winschooten, 271: Dat mag niet helpen: dat helpt soo veel, als een boon in een brouwkeetel; Tuinman I, 372: ‘Dat helpt, als een boon in een brouwketel. Dus drukt men uit door eene belachelijke vergelijking, de geringheid van iets tot vervulling’; Halma, 86: Dat is zoo veel als eene boon in eenen brouwketel, dat kan weinig helpen; Harreb. I, 98; III, 140; Ndl. Wdb. III, 442; 1601; fri. in bean yn 'e broutsjettel, zooveel als niets; voor Zuid-Nederland vgl. Tuerlinckx, 104: zoo veul als in vlieg in inne brouwketel; evenzoo in Antw. Idiot. 305.


Het leven heeft meer te bieden dan bier alleen, maar bier maakt die dingen nog aangenamer
Bron: Stephen Morris, Amerikaans schrijver


Het leven is net als 'n pul bier: het kan vol en 't kan leeg zijn, maar zo lang je pul bier vol is kan je leven nooit leeg zijn!

In: Hagar, strip


Het plezierige van bier is dat je nooit hoeft te kijken van welk jaar het is
Bron: W. van Broeckhoven


Het valt in duigen

Mislukken.

Onder duigen verstaat men stukken wagenschot, tot het samenstellen van vaatwerk bestemd en die door hoepels bij elkaar gehouden worden. Vallen deze plankjes in elkander, dan mislukt het vat; vandaar dat deze uitdr. in het algemeen gebruikt wordt voor instorten, mislukken. Is een plan in duigen gevallen of wordt het in duigen geworpen, dan zegt men, dat het in duigen ligt.Sedert de 16de eeuw is de uitdr. bekend; zie o.a. Spelen v. Sinne, 13 r. Valt niet aen duyghen maer houdt u toch vroom; zie verder Winschooten, 52; Gew. Weuw. III. 70; Pers, 203 b. in duigen raken; Vondel, Samson, 1196. Wanneer de kerck van Dagon spat aen duigen; Huygens VI, 47, waar een kuiper zegt. Eens was mijn' neering goed. nu lightse meest in duijgen; Overtooms Praatje, 16. Het vadt dat raakte heel in duyge (de boel liep geheel mis); Chomel I, 245.

My dunkt, dat hy, die een Koorts noemt, iets noemt, dat in staat is, om een Ligchaam allengskens in duigen te doen vallen; Sewel, 199; Halma, 128. Vgl. ook. een plan den bodem in slaan en Tuinman I, 252. In Zuid-Nederland gebruikt men de uitdr. in den zin van ‘in 't kraam komen’ (Antw. Idiot. 383), waarvoor wij zeggen ‘in tweeën vallen’; verder in onze beteekenis in gruis vallen en tot gruis smijten; in pasteie vallen; uiteenvallen en uiteengaan; zie het Ndl. Wdb. V, 1162 en vgl. nog het 18de-eeuwsche ‘in stollen (stukken) vallen (Ged. van J. Zeeus, 1721, bl. 395) en aan borden stooten (van een schip; Ndl.

Wdb. III, 519). Is misschien ook te vergelijken het Zwaabsche. es fällt in Ducks, es geht verloren (Wander I, 702)?


Het voordeel van alcoholvrij bier is ook dat je er geen tweede van bestelt
Bron: Toon Verhoeven


Hij is in het eendenbier gevallen

(1881) 'hij is in het eendenbier gevallen': hij is in het water gevallen. Varianten: eendenwater, eendenwijn.


Hij is van de brouwer zijn hond gebeten

Hij is een bierdrinker.


Hij slacht Slatius, die zijn bier verliep

Hij gaat weg, terwijl er nog bier in zijn glas zit.
Henricus Slatius, remonstrants predikant, wilde in 1623 Prins Maurits vermoorden. Hij werd gepakt toen hij haastig uit een herberg vertrok en zijn bier liet staan. Ook wel: hij verloopt zijn bier net als Slatius.


Hij studeert liever in de bierkan

Een student die liever in de kroeg zit dan dat hij studeert.


Holle vaten klinken 't hardst

Onwetenden hebben het hoogste woord.


Iemand een bier brouwen

Een plan beramen ten nadele van een ander.


Ik beschouw een slecht flesje Heineken als een persoonlijke belediging.
Bron: Freddy Heineken


Ik geef al mijn roem voor een pot bier en veiligheid
Bron: Shakespeare, 1564-1616, Engelse toneelschijver

Uit: Koning Hendrik V, Shakespeare


Ik heb veel verteld over het bier maar uiteindelijk zijn er maar twee soorten bier, lekker en niet-lekker. En wat dat dan is: bepaal dat lekker zelf.
Bron: Peter van der Arend
2017


Ik kan ook bier drinken zonder lol te hebben
Bron: Ger Lutjes


Ik neem nog een biertje. Ik rij niet
Bron: Broeder Theodore, Trappist Chimay, Belgiė


Ik werk tot bier uur
Bron: Stephen King, 1947-, Amerikaans schrijver


In de hemel is geen bier, daarom drinken we het hier


In kannen en kruiken zijn

(meestal met ontkenning) geheel geregeld, in orde zijn. Eigenlijk gezegd van bier of wijn die, na alle nodige bewerkingen ondergaan te hebben, ten slotte in kruiken of kannen voor het gebruik gereed gezet worden.

Er zijn geen oude bewijsplaatsen voor de uitdr. overgeleverd; thans is zij echter algemeen bekend. Vgl. Eng. to be cut and dried; to be in the bag.


Jong bier moet gisten

Jongelui mogen zich nog uitgelaten en luidruchtig gedragen.


Koud bier maakt warm bloed

Alcohol verhit de gemoederen.


Luiden van de bierklok

Het luiden van de bierklok kondigt het sluiten van de herbergen aan.


Men kan water drinken in plaats van bier, maar dan is het jammer dorst te hebben
Bron: Fritz Francken, 1893-1969, Vlaamse schrijver


Moeder staat in de keuken de kannen te spoelen, zus is in de pantry het bier aan het spoelen, vader stort in de kelder de hop in een teil, Johnny houdt op de veranda een oogje in het zeil

Amerikaans droogleggingsliedje uit de jaren '20


Motor met zijspan

Kopstoot, glas bier met een borreltje ernaast.


Niet alle chemicaliėn zijn slecht. Zonder chemicaliėn als waterstof en zuurstof zouden we bijvoorbeeld geen water kunnen maken, een essentieel ingrediėnt voor bier
Bron: Dave Barry, 1947, Amerikaanse humorist


Niets is zo duur als de eerste pint

Na een glas, volgen er nog heel wat meer.


Sante, santater, liever bier dan water


Taptoe blazen

Militair signaal om de soldaten ’s avonds te waarschuwen naar hun kwartieren te gaan: de taptoe slaan, blazen; in de kazernes wordt de taptoe niet meer geblazen; — dat is taptoe, het is genoeg, hierbij kan het blijven.


Uit ceres' groen gewas wordt edel nat gebrouwen die 't regt met mate drinkt en zal het niet berouwen


Uit de band springen

De tucht verbreken, zich te buiten gaan. Het beeld is ontleend aan een vat waarvan de banden, de hoepels los gaan.

Vgl. Hd. ausser Rand und Band sein. Eng. to kick over the tracés, to break out.


Uit een ander vaatje tappen

‘Anders, dan te voren, toespreken, of doen’, uit een anderen grondtoon spelen; eigenlijk iemand iets anders te drinken geven; iets anders voorzetten.

Hiernaast uit hetzelfde vaatje tappen (in Het Volk, 4 April 1914, p. 9 k. 4; 25 Juni 1914, p. 5 k. 3) en uithetoude vaatje tappen (in Handelsblad, 22 April 1914 (avondbl.), p. 1 k. 1). Vgl. voor eene soortgelijke overdracht het mnl. een ander (iets anders) scincken; enen mede blanden (gereed maken, brouwen); enen een bier brauwen, - scencken, enz.; fri. skerp bier taepje, op een scherpen, vinnigen toon spreken. In de 17de eeuw komt de uitdr. o.a. voor bij Starter, Lusthof, 409:Nou geef ick Lysje de sack, ick tap het nou uyt een aer vaetje.

Wangt sint ick myn parmantigh aesingt begon te steken onger de groote Moncksieurs, Kreegh ick van puyk van Meysjes niet dan al te veel keurs.

In dien tijd zeide men ook uit het beste vaatje tappen, iemand lief, zeer vriendelijk toespreken. Zie verder Kluchtspel III, 44: Ze zel uyt dat vadt al weêr tappen; Sweerts, 468; Tijdschr. XL, 82, 511; Langendijk, Don Quichot (Panth.), 26; Spaan, 85; 274; Tuinman I, 96; 115; E. Wolf-Bekker, Brief aan Ernst, k Vind niets aantrekkelijks voor mij in zulk een zwarte schilderij: Gij moet me nooit weêr uit dat lelijk vaatje schenken; V. Janus III, 59: Iemand, die vooraf weet te zeggen uit welk een vaatjen ik tappen zal; Afrik. hy tap nou uit heeltemaal 'n ander vaatje. Vgl. het 17 -eeuwsche uit een ander boek praten (Westerbaen II, 249) en het fr. en voici d'une autre cuvée, se dit lorsque, après avoir entendu un conte plaisant, quelqu'un en commence un autre; hd. aus einem andern Fasze gehen, ganz anders aussehen (Grimm III, 1359); ein andres Fass anstechen; ein neues Fässchen anstechen; etwas in ein andres Fass schlagen; woll'n mal ein ander Fasz anzapfen, beim Kartenspiel, um zu sagen: eine andere Farbe ziehen (Wander V, 1249).


Van de drank glimmen

Teveel op hebben. De Romeinen wreven hun huid in met bier voor de mooie glans.


Van enen biere drinken

Hetzelfde lot ondergaan (middeleeuws spreekwoord)


Vechten tegen de bierkaai

Aan de bierkaai in Amsterdam wonnen vroeger onoverwinnelijke vechtersbazen. Een hopeloze strijd voeren, strijden tegen een onverzettelijke macht.


Waar de brouwer zit, kan de bakker niet zitten

Ook wel "Waar de brouwer komt, moet de bakker niet komen":

  1. Min of meer letterlijk: wie al zijn geld opdrinkt heeft er geen meer over om eten of andere zaken voor het huishouden te betalen.
  2. Wie veel drinkt, eet weinig.

Waer bier gebrouwen wordt, daar wordt geen kwaedt gebrouwen


Wat in 't vat zit verzuurt niet

Iets wat is uitgesteld, houd je tegoed.


Water is pas lekker als het door de brouwerij is geweest
Bron: Sef Derkx
1990


We hebben in ons land uitstekende jenever en lekker bier, waarom zouden we dan alcohol drinken?


Wet van de communicerende biervaten: Als het bier in het biervat in verhouding hoger staat dan het bier in het menselijke vat, hevelt het gerstenat zich met behulp van een werk over in het menselijke vat
Bron: Marcel Snijder, student MSc Land & Water Management


Zij hebben voor de vesper een pintje gedronken

Zij zijn voor het huwelijk met elkaar naar bed geweest, zodat het eerste kind te vroeg geboren wordt.


Zoals de waard is vertrouwt hij zijn gasten

Dit spreekwoord drukt uit dat je oordeel over iemand vooral wordt beïnvloed door hoe je zelf bent. Het spreekwoord wordt altijd negatief gebruikt: 'als jijzelf niet te vertrouwen bent, vertrouw je anderen ook niet'. Je negatieve oordeel zegt dus eigenlijk meer over jezelf dan over de ander.

De waard waarnaar in dit spreekwoord wordt verwezen, is een ander woord voor een herbergier: de eigenaar van een herberg, het hotel van vroeger. Een waard die er altijd van uitging dat zijn gasten hem zouden oplichten of anderszins kwaad in de zin zouden hebben, was waarschijnlijk zélf iemand die geneigd was slechte dingen te doen.
(Bron: https://onzetaal.nl/taaladvies/zoals-de-waard-is-vertrouwt-hij-zijn-gasten/)


Zonder hop kan je geen bier brouwen

Om iets tot een goed einde te brengen, moet je over de juiste middelen beschikken.


-- Adverteerders --

© 2017-2021 Stichting Erfgoed Nederlandse Biercultuur