Facebook Twitter

Stichting Erfgoed Nederlandse Biercultuur

Aantal brouwerijen

Bier was als onderdeel van de dagelijkse voedselvoorziening en via de bieraccijnzen als inkomstenbron van levensbelang voor de steden. De verenigde brouwers hadden de taak om dit bier te leveren, zonder elkaar te benadelen. De productie van bier was daarom aan vele regels gebonden. Niet alleen de kwaliteit en de samenstelling van het bier, maar ook de hoeveelheid die elke brouwer mocht produceren was streng genormeerd. Bij overtreding van die regels werden forse boetes uitgedeeld. Zo mocht in 1427 een Utrechtse brouwer hooguit één keer per week brouwen, met een maximum van 20 vaten. Dat is op jaarbasis zo'n 1000 vaten. Utrecht telde toen waarschijnlijk zo'n 60 brouwerijen, een aantal dat overigens niet ongewoon was voor een grote stad als Utrecht, dat toen de grootste stad was van de Noordelijke Nederlanden. Het veel kleinere Amersfoort, dat een belangrijke export van hoppenbier kende, telde rond deze tijd echter zo'n 85 brouwerijen.

Biernijverheid in Middeleeuwen
Opgave volgens de belastingenquête (Informacie) van Holland 1514

In 1514 waren de grootste bierproducenten Delft (98 brouwerijen, 'voordien wel 150'), Gouda (156 brouwerijen, ooit 200) en Haarlem (74 brouwerijen). Deze produceerden voornamelijk voor de export. Er waren ook steden waar de brouwnijverheid weinig voorstelde. Rotterdam en Amsterdam telden in deze periode rond de tien brouwerijen. Amsterdam had wel het alleenrecht gekregen voor de invoer van de Duitse hoppenbieren in Holland, wat volgens de geschiedschrijvers de basis zou zijn geweest voor de grote bloei die de Amsterdamse haven in de 16e en 17e eeuw zou doormaken. Bierhandel was in Amsterdam lucratiever dan de bierproductie.
Buiten Holland was Groningen al vroeg een belangrijke bierproducent, mede omdat de stedelijke brouwers het monopolie over de Ommelanden wisten te verwerven1. Ook Den Bosch zou rond 1500 zo'n 100 tot 120 kleine brouwerijen hebben geteld2. In de overige steden buiten Holland kwam de bierproductie wat trager op gang, omdat daar aanvankelijk veel bier uit Holland werd ingevoerd. Pas later zouden steden als Breda, Deventer en Nijmegen en bierreputatie opbouwen3. Een stad als Maastricht telde in de 15e eeuw enkele tientallen brouwerijen, waaronder brouwerijen die deel uitmaakten van een herberg; een aantal dat 150 jaar later zou verdubbelen4.

3.2 Brouwerijen in Amersfoort
Brouwerijen in Amersfoort

1 Hallema et. al., p.75.
2 Van Dun, p.30. 
3 Daane, p.113.
4 Philips, p.19 e.v.

-- Adverteerders --

© 2017-2018 Stichting Erfgoed Nederlandse Biercultuur