Facebook Twitter Instagram

Stichting Erfgoed Nederlandse Biercultuur

Bierbrouwerij Moerenburg

Brouwerij

Opgericht: 1992
Gestopt: 2012

Etiketten: Bieretiketten.nl
Externe Links: Ratebeer Untappd

Provincie: Noord-Brabant

Vestigingsadres

Jasmijnstraat 17 5014 AR Tilburg

Geschiedenis

Bierbrouwerij Moerenburg werd opgericht op 1 juli 1992. het eerste bier dat er werd gebrouwen was Karakter. Het streven is te komen tot een jaarproduktie van 300 hl.

In bronnen van het archief van de Norbertijnen van Tongerlo wordt in het midden van de 14e eeuw Moerenburg genoemd. Brabant kende toen nog vele heidevelden en moerasgronden. Met deze wetenschap is het dan ook niet vreemd, dat temidden van uitgestrekte heide- en moerasgronden, een naam als Moerenburg voorkomt. In deze tijd is er ook sprake van een hoeve. In het boek 'De straten van Tilburg' schrijft de auteur R. Peeters het volgende over Moerenburg: 'De Moerenburg wordt al in 1358 als "mansus" (hoeve) genoemd. Walterus, zoon van Mathias de Mol, en zijn dochter Margaretha verkopen de Moerenburg aan Hendrik Wisse. In 1384 verkopen Henrick en Kathelijn Nannen, de kleinkinderen van Wisse, het gebouw aan Jan van Gestel, investiet van de kerk in Tilburg, ten behoeve van de abdij van Tongerlo. Vanaf dat moment werd de Moerenburg het persoonshuis ofwel pastorie. De abdij van Tongerlo had in Tilburg al vanaf 1231 het recht om een pastoor te benoemen. In 1569 blijkt dat de Moerenburg was omwaterd door een gracht. Begin 17e eeuw moet Moerenburg een aanzienlijk gebouw geweest zijn. De carrévorm, zoals die op een 18e-eeuws schilderij staat afgebeeld, dateert mogelijk reeds uit de 17e eeuw. In 1635 heeft pastoor Augustinus Wichmans een inventaris van zijn bezittingen opgesteld. De inventaris noemt de volgende vertrekken op: Cubiculum Pastorsi (de slaapkamer van de pastoor), libri (de bibliotheek), het grote salet, het gruen camerken, de Neder-caemer aen den plaetse, de poort-caemer, het caemerken Emaus in de keucken en de Gote, BROUWHUIJS, kelder en solder'. De inventaris van het BROUWHUIJS wordt als volgt omschreven: 'Eenen brouw-ketel en brouw-cuijp. Een heijr om het mout te drogen. Ses biertonnen en de 3 half vaeten met een kenneken'. In 1750 was het Moerenburg zo bouwvallig geworden dat ze werd gesloopt. De enige herinneringen aan dit fraaie gebouw die nog over zijn, zijn een 18e eeuws schilderij en twee schilddragende hardstenen leeuwen die destijds bij de ingang van de buitenplaats stonden. Later werden deze leeuwen op de patio van de GGD Midden-Brabant in Tilburg geplaatst. Op de etiketten van Bierbrouwerij Moerenburg is een fraaie afbeelding van het huis te zien.

In het semester 1965-1966 volgde Ad Clijsen met succes in München een opleiding tot brouwmeester. Ad heeft tot de overname door Stella Artois, eind jaren 60, bij de Tilburgse trappisten op het lab van de brouwerij gewerkt. Na de fusie van de trappisten met het Belgische Stella Artois vertrok hij. Ad zag de samenwerking niet zitten en vond een baan als technicus. Beroepshalve verbouwde Ad horecapanden en werd langs deze weg bekend met de Tilburgse cafés. Rond 1990 was Ad, zoals vele hobby-brouwers, met brouwen in de keuken begonnen. Zijn zoon Bart ging het huis uit en nam zijn motor mee, hetgeen voldoende ruimte opleverde om op beperkte schaal de roerstok te hanteren. Vanaf 1 juli 1992 kon er daadwerkelijk op semi-professionele schaal worden gebrouwen. Het verkrijgen van de benodigde vergunningen en papieren vergden behoorlijk wat tijd. Hij was lid van De Roerstok en vond het lidmaatschap heel leerzaam.

In maart 1996 kwam Ad Clijsen te overlijden. Gedurende een jaar werd er niet meer gewerkt in de brouwerij. Toch bleef de brouwerij voortbestaan. Na het overlijden werd de brouwerij geleidt door Han Clijsen, de vrouw van Ad, diens zoon Bart en schoondochter Ivonne. Het PUB-festival in 1997 betekende een nieuwe start. Met deze noodgedwongen wisseling van de wacht maakte de door Ad zo gekoesterde giststam plaats voor een andere giststam, hetgeen ook de smaak van het bier beïnvloedde. In 1999 werd er tweemaal per maand een brouwsel gemaakt van 250 tot 300 liter per keer. In 2001 kwam de brouwerij weer enige tijd stil te liggen. Aanleiding was toen echter een heuglijke gebeurtenis: schoondochter Ivonne schonk het leven aan een zoon (Remco). In 2012 werd het laatste commerciële brouwsel gebrouwen en werd de roerstok neergelegd. De brouwerij werd niet direct gesloten, maar kreeg de status "in ruste". De brouwinstallatie stond er nog en de inschrijving bij de Kamer van Koophandel werd aangehouden; de brouwerij zou ieder moment weer in gebruik kunnen worden genomen. Toch wordt enige tijd later besloten om te brouwerij te sluiten en de brouwerij "in zijn geheel" te verkopen.

In 2019 werd de hele brouwerij afgebroken.

Eigenaren

(1992-2012)
(1997-2012)
(1992-1996)

Brouwers

(1992-2012)
(1997-2012)
(1992-1996)

Bieren (60)

-- Adverteerders --

© 2017-2021 Stichting Erfgoed Nederlandse Biercultuur