Facebook Twitter

Stichting Erfgoed Nederlandse Biercultuur

Lindeboom Bierbrouwerij B.V.

Brouwerij

Opgericht: 1870
Telefoon: 0475-592900
Fax: 0475-592750
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Provincie: Limburg

Etiketten: Bieretiketten.nl
Externe Links: Facebook Facebook Instagram LinkedIn Ratebeer Twitter Untappd Website Website Youtube

KvK-nummer: 13015202

Vestiging Lindeboom Bierbrouwerij

Bezoekadres:
Engelmanstraat 54
6086 BD Neer (gemeente Leudal)

Proeflokaal: Nee
Rondleidingen: Nee

Postadres:
Postbus 4416
6086 ZG Neer (gemeente Leudal)

Aangesloten bij



Geschiedenis

  • "Lindeboom Bierbrouwerij Cervisia Natura Protecta"
  • "Lindeboom 't Bier van Hier"

In 1867 nam Willem Geenen (1840-1905) het besluit om naar Worms te reizen om zich in het brouwersvak te bekwamen. Dit moet voor een jongeling uit het Neer van die tijd een ware wereldreis zijn geweest. De cahiers waarin hij de ellenlange dictaten in een bewonderenswaardig handschrift optekende, zijn nog bewaard gebleven. Willem gokte met zijn studie op het juiste paard want bier werd weer populair, na een tijdje uit de gratie te zijn geweest. Wanneer hij zijn studie beëindigd heeft, is niet precies bekend. In april 1870 was hij in ieder geval terug in zijn geboortedorp en wendde hij zich tot de burgemeester met het verzoek hem vergunning te verlenen om bier te mogen brouwen. De ambtelijke molens draaiden in die tijd op volle toeren. Ongelooflijk maar waar: in nog geen zeven weken was de complete procedure van de hinderwet doorlopen en alles wat daarbij om de hoek kwam kijken! Bij besluit van Gedeputeerde staten van het Hertogdom Limburg van 10 juni 1870 kreeg hij toestemming zijn brouwerij te starten. Naast zijn huis op het Hammerveld in Neer, waar toen reeds een 80 jaar oude linde stond, bouwde hij zijn brouwerijtje. In de beginjaren noemde hij het bier 'Geenen's Bier' en in verloop van de tijd ging Willem het bier steeds meer naar de Linde vernoemen, en sedert de dertiger jaren wordt het bier uitsluitend als Lindeboom Bier in de handel gebracht. Om zijn brouwerij een kans van slagen te geven was het noodzakelijk om zijn klandizie ook buiten het plaatsje Neer te gaan zoeken. Andere brouwerijen in de omgeving zagen dat destijds niet op tijd in en waren genoodzaakt de poorten te sluiten. Hiernaast had Willem Geenen het geluk aan zijn zijde toen een familielid uit Buggenum op hield met brouwen en Willem zijn klantenkring kon overnemen. Als hij op 1 oktober zijn paarden inspant voor de bierwagen, levert hij al bier uit tot in Roermond. In de beginjaren van de brouwerij werden bieren van het zogeheten bovengistende type gebrouwen. In 1926 ging men over tot het brouwen van ondergistend bier. Als één van de eersten kocht Willem in de jaren 90 van de vorige eeuw een flessenafvulmachine en al snel werd zijn bier door heel Nederland bekend, doordat het dorpje aan de Maas grenst en de Maasschippers die, als ze in het haventje van Neer te anker lagen, maar wat graag een kratje Lindeboom's Bier aan boord namen. Al heel vroeg werd een kwart van de totale productie in flessen afgezet. Het bier werd tot rond de Tweede Wereldoorlog voor een derde in Neer zelf gesleten. Willem Geenen legde de solide basis voor een echt familiebedrijf. Na Willem zwaaide broer zoon (1871 - 1940) en dochter Christien (1873 - 1957) de scepter in de brouwerij. In 1912 deden zij een grote investering: in een nieuw gebouw werden een stoommachine van 15 PK en een koelmachine geplaatst. Met de realisatie van dit project stelde De Lindeboom haar toekomst veilig. Men was voortaan in de gelegenheid het pilsener te brouwen, een biersoort dat rond de eeuwwisseling stormenderhand de markt veroverde. Het nieuwe, modern gebrouwen bier verdrong razendsnel de oeroude Limburgse streek- en stadsbieren, die via de methode van bovengisting werden gebrouwen. Tal van kleine brouwers zagen zich hierdoor genoodzaakt het vuur onder de brouwketels definitief te doven. Vooral de nieuwe generatie, voor bijna elke producent een interessante doelgroep, keerde zich massaal af van het traditionele bier. Generaties lang had men zich tevreden gesteld met het bier dat ouders en grootouders dronken. Die gestage lijn werd plots onderbroken. De vernieuwingsdrift op economisch, sociaal en cultureel terrein van die periode, wordt weerspiegeld in de acceptatie van het nieuwe ondergistende bier, dat de markt stormenderhand en met vliegend vaandel veroverde. Pilsener, om de bekendste variant van deze categorie te noemen, werd in bijna alle landen van Europa en in de Verenigde Staten in korte tijd synoniem met bier. De tweede generatie Geenen had op het juiste moment geïnvesteerd. Willem Geenen (1915 - 1978), zoon van Bernard, nam de brouwerij over en legde fundamenten voor het huidige bedrijf. Voor hem was geen gemakkelijke taak weggelegd. Willem realiseerde de overleving van zijn brouwerij door steeds met modernisering en uitbouw verder te gaan. De bouw van een nieuw brouwhuis en het feit dat hij als eerste Limburgse brouwer overschakelde van het open-gistkuip principe naar de gesloten gisttank-methode, getuigen van een voortvarende aanpak. Op verkoopgebied wist hij door een, min of meer gedwongen, bescheiden opstelling, gekoppeld met veel persoonlijk engagement, de afzet van zijn bier gestaag op te voeren. Ook kwam Willem met de 'leeg-weg' fles op de proppen. Dit was de benaming die hij bedacht voor de toen nieuwe verpakking van bier, die toen door de Lindeboom werd geïntroduceerd. Het betrof hier een bierfles van speciaal lichtgewicht glas, waarvoor geen statiegeld betaald hoefde te worden. Na gebruik kon de fles in de vuilnisbak worden gedeponeerd. Hiermee zou een einde komen aan een omvangrijke statiegeld-administratie, en aan het telkens weer inzamelen, opslaan en terugsturen van de lege flessen. Natuurlijk waren er ook nadelen aan dat soort emballage, want het gevaar was dat dergelijke flessen werden weggegooid op plaatsen waar dit niet zou mogen gebeuren. Glas vergaat immers niet en levert een blijvend gevaar op. Daarom legde de brouwerij er ook in haar reclame de nadruk op dat de emballage rechtstreeks naar de vuilnisbak verhuisde. Mede dankzij deze en vele andere veranderingen heeft hij een goede basis gelegd, zodat zijn zonen Bernard (Commercieel Directeur) en Willem (Technisch Directeur), de vierde generatie, sinds 1971 verdere uitbouw geven. De vernieuwing van de flessenbottelarij en fustenafdeling zijn het bewijs dat ze het geloof in de brouwerij niet hebben verloren. Naast het bedrijf staat nog steeds de markante eeuwenoude Lindeboom waarvan de naam van de brouwerij werd afgeleid. Na het planten van een nieuwe lindeboom werd in 1982 gestalte gegeven aan de intentie om de Lindeboom ook in de verdere toekomst als naamgever voor dit pittige bier te behouden. De brouwerij beschikt net als de voltallige Limburgse concurrentie over eigen waterbronnen, die zich in dit geval in het kiezelbed van de Maas bevinden. Lindeboom is nog steeds in de eerste plaats een regionale horeca-brouwerij. Ruim tweederde van de productie gaat op fust naar de horeca in het gebied tussen Venlo, Roermond en Weert. Daarnaast is ze goed vertegenwoordigd in de horeca van de drie grootste steden van Nederland.

Naar aanleiding van het 125-jarig bestaansfeest van de brouwerij in 1995 krijgt Lindeboom het predicaat Hofleverancier (bij Koninklijke beschikking) uitgereikt op 16 januari 1996.

In 1998 kwam Bernard (Ben) Geenen te overlijden. In 2000 bedroeg de jaarproduktie ongeveer 40.000 hl. In 2006 werden er in de brouwerij cylinderconische tanks geplaatst met een inhoud van 170 hl, bestemd voor het maken van bovengistende bieren. Tevens werd er een nieuwe reclameslogan gelanceerd: "Het bier van hier". Vrijdag 1 juli 2011 kwam Wim Geenen, die al geruime tijd ziek was, te overlijden. Hij stierf aan longkanker. In 1998 heeft hij de leiding van de familiebrouwerij overgenomen van zijn overleden broer Ben. Lindeboom werd in 1870 door één van zijn voorvaderen opgericht. Wim Geenen was de vierde generatie van de Lindeboom bierbrouwers. Wim Geenen werd 56 jaar. 

Willem Geenen 1954-2011 Het eeuwige leven
de Volkskrant, dinsdag 26 juli 2011, blz. 10 - Peter de Waard
Een bourgondiër met een zakelijk talent. Wim Geenen maakte brouwerij Lindeboom nog succesvoller. Als hij een week met familie of vrienden op reis was, vierde Willem (roepnaam Wim) Geenen drie keer zijn verjaardag. Zo leerde hij vele mensen Lang zal hij leven in verschillende talen zingen. Wim Geenen was de ultieme bourgondiër een echte Limburger die genoot van het leven. Hij werkte zijn hele leven bij de familiebrouwerij Lindeboom, waarvan hij sinds 1998 de algemeen directeur was. Op 1 juli overleed hij op pas 56-jarige leeftijd aan de gevolgen van longkanker. Zijn broer en mededirecteur Ben Geenen was in 1998 aan dezelfde ziekte overleden op nog veel jongere leeftijd. Wim en Ben waren de vierde generatie van het illustere brouwerijgeslacht in Neer. De Lindeboom werd in 1870 opgericht door Willem Geenen die hiervoor toen toestemming had verkregen van Gedeputeerde Staten van het Hertogdom Limburg. De brouwerij werd opgezet in de schaduw van een statige linde in Neer. Willem Geenen verspreidde zijn bieren vooral in de regio Neer-Roermond, maar ook veel Maas-schippers die in de haven aanmeerden, namen een kratje mee, waardoor Lindeboom ook landelijke bekendheid kreeg. De tweede en derde generatie moderniseerden de brouwerij en gingen ook bier met ondergisting brouwen, het zogenoemde pils. Het afzetgebied werd verbreed tot Weert en Venlo. Wims vader, ook Wim geheten, bouwde een nieuw brouwhuis en schakelde als eerste Limburgse brouwer over van de open gistkuip naar de gesloten-gisttankmethode. Eind jaren vijftig was hij gedwongen daardoor geld te lenen bij een bank, iets waar hij een grondige hekel aan had. Wim kreeg vier kinderen. De oudste dochter Marie-Louise werd president van de rechtbank in Arnhem, zoon G werd radioloog. De brouwerij werd uiteindelijk overgenomen door twee broers: Ben, geboren in 1949, en Wim, geboren in 1954. De rolverdeling was het resultaat van hun studies. Ben volgde de Economische Hogeschool in Tilburg en haalde daar zijn kandidaats economie. Hij werd de commerciële man. Wim, de jongste, ging naar de brouwerijschool Lievens in Gent en werd de technische man. Lindeboom wist zich in de Limburgse regio goed te handhaven tussen de grote merken en zelfs marktaandeel te winnen in de vele cafés. In 1980 werd alleen nog pils, oud bruin en meibok gebrouwen. Maar in 1987 kwam Lindeboom met de Gouverneur en twee jaar later met de Meibock. Ook werd enige tijd Raaf pilsener gebrouwen uit ecologische grondstoffen. 'Wim was de bindende kracht in het bedrijf', zegt zijn oudste broer G. 'Hij kon goed met iedereen opschieten en wist mensen aan zich te binden.' Na het overlijden van zijn broer Ben lukte het Wim als algemeen directeur de commerciële kant moeiteloos over te nemen. Tot ieders verrassing ging het al gauw nog beter met Lindeboom. Met de slogan 't Bier van Hier benadrukte hij het regionale karakter. Wim Geenen stond bekend als een uitstekend redenaar die bestuursfuncties niet schuwde. Maar hij kon zich ook goed ontspannen met golf en vakanties. 'Wim was een markante persoonlijkheid die als geen ander kon relativeren en ons allen met een kwinkslag weer met beide benen op de grond deed belanden', werd gezegd op zijn begrafenis, waar talrijke vertegenwoordigers van schuttersgildes, harmonieën en ook vele caf-eigenaren uit de omgeving naartoe kwamen. Zijn zoon Bernd die nu nog studeert, zal ooit de brouwerij voortzetten, want Lindeboom Bierbrouwerij blijft een familiebedrijf.

Per 1 januari 2012 werd Paul Joosten aangesteld als Algemeen Directeur. Hiervoor was hij sinds 1 juli 2011 Commercieel Directeur bij de brouwerij. Op 3 mei 2013 werd een nieuw brouwhuis officieel geïntroduceerd. Hiermee steeg de capaciteit per brouwsel van 65 naar 105 hectoliter. Per 1 mei 2015 trad Jan-Willem den Hartog - hiervoor actief als brouwmeester bij de Gulpener Bierbrouwerij - in dienst als brouwmeester.

In september 2017 werd bekend gemaakt dat Lindeboom aandeelhouder wordt van de Amsterdamse Brouwerij De Prael. Samenwerken deden ze op dat moment al een paar jaar, maar nu volgt een volgende stap: Lindeboom is nu mede-aandeelhouder van De Prael geworden. Hoe groot het belang is dat Lindeboom neemt in de Amsterdamse speciaalbierbrouwerij, wil directeur Paul Joosten niet kwijt. "Maar het is substantieel", zegt hij wel.

De deal betekent onder meer dat de twee brouwerijen elkaars bieren gaan vermarkten bij hun eigen afnemers. Voor Lindeboom, dat nu zo’n vijftien biersoorten onder zijn eigen drie merken (Lindeboom, Gouverneur, Venloosch) brouwt, betekent dat een uitbreiding van het assortiment met een aantal speciaalbieren. Joosten: "Vooral IPA (Indian Pale Ale) is een speciaalbiertje dat voor ons een welkome aanvulling is en dat het goed kan doen in de horeca."

Brouwerij De Prael werd in 2001 opgezet door twee mensen die voorheen in de zorg werkzaam waren en bierbrouwen als hobby hadden. Ze wilden er mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werk bieden. Toen De Prael, dat inmiddels 135 werknemers en twee brouwerijen met proeflokaal telt, aanliep tegen de grenzen van de brouwcapaciteit, klopten de Amsterdammers drie jaar geleden bij Lindeboom aan. De Neerse brouwerij, die een jaar eerder met het oog op de verre toekomst de brouwcapaciteit net had verdubbeld naar 100.000 hectoliter per jaar, ging speciaalbier brouwen in opdracht van De Prael. Inmiddels gaat het om zes speciaalbiertjes, in totaal goed voor zo’n 5000 hectoliter per jaar. Dat gaat straks meer worden, verwacht Joosten.

De hechtere vervlechting leidt, hoopt Joosten, behalve tot extra werkgelegenheid in Neer (enkele fte’s) en een uitbreiding van het eigen assortiment uiteindelijk ook tot een versteviging van de naamsbekendheid van Lindeboom in de Randstad. De Prael heeft immers plannen voor meerdere nieuwe vestigingen.

Dat de twee brouwerijen elkaar gevonden hebben, komt volgens Joosten door de raakvlakken rond sociaal ondernemerschap. "Waar het kan, bieden ook wij werk aan mensen die moeilijk inzetbaar zijn op de reguliere arbeidsmarkt." Joosten verwacht de komende jaren samen met De Prael nieuwe speciaalbieren te ontwikkelen. Die markt is de laatste jaren flink gegroeid. Er zijn in korte tijd circa 400 kleine nieuwe brouwerijen ontstaan, alle gericht op speciaalbieren. De Prael is een van de grotere. Joosten: "Dat de grootste kleine brouwerij nu een alliantie aangaat met de kleinste grote, prachtig toch?"

Eigenaren/directie (1)

Brouwers (1)

Brouwers (historie) (1)

Bieren (15)

Niet meer gebrouwen bieren (8)

Etiketbieren (1)

Niet meer gebrouwen etiketbieren (5)

-- Adverteerders --

© 2017-2018 Stichting Erfgoed Nederlandse Biercultuur